‘Brabant ge verandert’

‘Brabant ge verandert, ge bent nie meer krek als toen’ zong Brabantse liedjeszanger Ad de Laat in de tijd dat ik tegen mijn 20ste, in de gaten kreeg, dat de wereld van mijn opa echt niet meer bestond. Als klein meisje wandelde ik graag met mijn opa door het buitengebied van Cromvoirt. We stonden dan samen bij de brug over het Drongelens kanaal uit te kijken over de Gement richting ‘s-Hertogenbosch. Hij vertelde over de tijd dat ze in de winter op de schaats naar de markt in de stad gingen, de tijd voordat het kanaal gegraven werd. In die tijd liep de Gement in de winter nog met regelmaat onder water. En over de voordelen die dat kanaal voor hem als boer had gebracht. Hij was geen man van vroeger was alles beter; hij zag dat de wereld veranderde en groter werd. Hij raadde me aan gebruik te maken van de kansen die ik kreeg in deze nieuwe wereld.

En die wereld, ook Brabant, blijft veranderen, daarop speelt de invoering van de Omgevingswet in. De wet bundelt meer dan 25 bestaande wetten voor onder meer bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Regels die in de loop der jaren zijn uitgewerkt om de leefomgeving te verbeteren en te beschermen. De bundeling vraagt veel tijd. Het Rijk maakt daarvoor afspraken met de Vereniging Nederlandse Gemeenten, het Interprovinciaal Overleg en de Unie van Waterschappen. Er wordt beoogd naar een houding van ‘ja mits’ in plaats van ‘nee tenzij’ te komen bij het beoordelen van plannen. En er is daarvoor een Omgevingsvisie nodig om de leefomgeving naar de toekomst richting te geven en te waarborgen.

Ook het weerbeeld in Brabant verandert, het wordt steeds weerbarstiger en daarmee ook het beheersen van het water. Brabant had al vroeg dit jaar te maken met hoge temperaturen en weinig regenval, waardoor er eerder dan normaal beperkingen werden opgelegd aan de beregening van akkers. Vervolgens een periode met extreme regenval, gecombineerd met de extreme hagelbuien. Een stresstest van het watersysteem met helaas veel schade aan gewassen, kassen en gebouwen. Het watersysteem, waaraan waterschappen, provincie en gemeenten op basis van zorgvuldig vastgesteld beleid samenwerken, bleek de wateroverlast van dat moment niet overal aan te kunnen. In een veel groter deel van het jaar was er sprake van droogte en is het nodig om steviger in te zetten op het vasthouden van water. Verdroging is in Brabant een groter probleem dan wateroverlast.
De uitdaging van Brabant is het watersysteem werkelijk integraal te gaan benaderen vanuit de belangen van stedelijke-, agrarische- en natuurgebieden. Het is dan ook hoopgevend dat in deze tijd de natuurterreinbeheerders het signaal afgeven, dat zij kansen zien in het benutten van natuurgebieden als waterbuffer bij teveel water. Hiervan kunnen de agrarische gebieden voordeel hebben in drogere tijden en het kan zorgen voor droge voeten in stedelijke gebieden. Er is ruimte nodig voor innovatie: duurzaam en circulair zijn hierbij een voorwaarde.

Zoals in Tilburg waar de energiefabriek bij de rioolwaterzuivering energie haalt uit afvalwater, ruim voldoende om de rioolwaterzuivering te kunnen draaien. Of dat maaiafval ingezet wordt als voedingsbodem voor de teelt van oesterzwammen. Of een technische innovatie om verstopping van stuwdoorlaten te beperken. Het langzaam wegstromen zorgt ervoor dat water langer vastgehouden wordt (tegen verdroging) en tegelijkertijd het teveel aan water weg kan stromen (beperken wateroverlast). Of dat door stedelijk afvalwater te reinigen grondstoffen en zelfs drinkwater worden teruggewonnen.

Die wandelingen met mijn opa liggen nu zo’n 50 jaar achter me. Ik heb zijn advies gevolgd en de kansen gegrepen om te studeren en wat van de wereld te zien. Graag zou ik nu nog eens bij de brug over het Drongelens kanaal gaan staan en met hem bespreken hoe het dit gebied sindsdien vergaan is. Hoe hij aankijkt tegen de maatregelen die er sinds het hoog water in 1995 zijn genomen om het tot waterbergingsgebied te maken en deels natuur. De ontwikkelingen in de Gement staan symbool voor de ontwikkelingen die Brabant doormaakt en waarvoor een integrale aanpak nodig is die verdroging en wateroverlast verbindt. De uitdaging is het behouden en verbeteren van een gezonde leefomgeving en het hoofd bieden aan de gevolgen van de klimaatverandering. En ja, ‘Brabant ge verandert’ en daarmee ook de Brabantse leefomgeving.

Dianne Schellekens, lid van de Provinciale Raad voor de Leefomgeving