Karin van Steensel en Maurits Kreijveld: ‘of platforms sloopkogels of haarlemmerolie zullen worden, is aan ons’

karin van steensel

beleidsadviseur BrabantAdvies, secretaris Young Professionals Brabant (YPB)

maurits kreijveld

onderzoeker en strategisch adviseur op het gebied van digitalisering, innovatie en platformeconomie

 

een pleidooi voor open data

Het delen van data is een vast onderdeel van ons leven geworden. Van de digitale energiemeter tot het winkelen op bol.com, vrijwel dagelijks profiteren we van de gemakken. Dat met de platformen die deze data stroomlijnen ook een zekere macht gepaard gaat, komt veel minder aan de orde. Terwijl de EU met nieuwe regelgeving (Digital Services Act) grip probeert te krijgen op platforms, zouden juist ook ondernemers en lokale overheden zich bewust moeten zijn van de dynamiek die dataplatforms teweegbrengen. Want waar dataplatforms nieuwe mogelijkheden bieden voor consumenten, ondernemers en overheden, kunnen ze zich ook ontpoppen tot sloopkogels die keuzevrijheid afbreken, tweedeling verharden en innovatie afremmen. Wij pleiten daarom voor minder naïviteit en alertheid ten aanzien van de platformdynamiek. Én voor overheden die open data bevorderen.

Van digitaliseren naar data delen: de opkomst van dataplatforms

De digitale transformatie die sinds de jaren ’90 van de vorige eeuw op stoom kwam, heeft ons leven ingrijpend veranderd. Dat geldt voor burgers, maar vooral ook voor publieke en private organisaties. Elke organisatie kreeg, en krijgt steeds meer, te maken met het werken met data. De coronapandemie heeft die digitale transformatie nog een extra zetje gegeven. Data zijn in feite een grondstof geworden, onmisbare bestanddelen in het besturen van een land, het runnen van een onderneming en het uitvoeren van publieke taken. Toegang tot data wordt daarmee steeds belangrijker voor burgers, ondernemers en overheden. En dat terwijl dataplatforms meer en meer hun data willen beschermen of tegen een hogere prijs willen verkopen.

De opkomst van dataplatforms is volop gaande en gaat bijzonder snel. Denk aan de enorme groei van Amazon en Google. Of, dichter bij huis, aan bol.com, dat nog niet zo lang geleden begon als online boekhandel en inmiddels, veranderd tot platform, ‘de winkel van ons allemaal’ is geworden. En met dat ‘allemaal’ bedoelt bol.com niet alleen eindconsumenten. Ook veel mkb’ers, de kleinere retailers van gisteren, kunnen inmiddels nauwelijks meer om dit platform heen. Steeds vaker zien we bovendien dat dataplatforms zoals bol.com de markt transformeren. Door op nieuwe manieren vraag en aanbod met elkaar te verbinden en nieuwe, vaak kortere, ketens te vormen die inspelen op de vraag van gebruikers en consumenten, vallen grenzen tussen sectoren (deels) weg. Door digitalisering is het ook mogelijk om met dezelfde data nieuwe toepassingen en diensten te ontwikkelen en daarmee steeds nieuwe markten te betreden. Denk aan Google en Apple die zich steeds meer richten op gezondheid, gaming en navigatie en zich zo als een olievlek uitbreiden.

Kansen voor complexe problemen

De technologie achter platforms en – vooral – de data-uitwisseling en snelle innovaties die daardoor mogelijk worden, bieden kansen voor ondernemers en overheden die zoeken naar nieuwe verdienmodellen en oplossingen voor complexe maatschappelijke problemen. Bijvoorbeeld rond verduurzaming en in de energietransitie. Het opwekken en aan het net terugleveren van energie kan niet zonder platformtechnologie die fijnmazige mobiliteit on demand mogelijk maakt. Of de mogelijkheden die zaadveredeling biedt voor meer duurzame landbouw: dit heeft een enorme vlucht genomen dankzij platformtechnologie. Kortom: bij veel van de complexe maatschappelijke opgaven waarvoor overheden en samenleving momenteel staan, dragen platforms bij aan oplossingen.

Naïviteit laten varen

Maar diezelfde dataplatforms kunnen zich ook ontpoppen tot sloopkogels. Het platform bepaalt namelijk de spelregels waaronder partijen met elkaar data uitwisselen en samenwerken. Platformorganisaties bepalen de voorwaarden waaronder partijen toegang hebben tot data en bepalen zo ook wie toegang heeft tot de markt, de klant en tot de kennis over markt en klant. En dus ook wie de beste mogelijkheden heeft tot aanpassen en innoveren. Wie toegang heeft tot data, heeft macht. En die macht kan teveel geconcentreerd raken in één of enkele handen. Platforms als Amazon kunnen, door de toegang tot data te bepalen, dominant worden in een bepaald domein en machtiger worden dan de gebruikers ervan. Een zelfstandig ondernemer kan zo in relatief korte tijd verworden tot een vrijwel stemloze uitvoerder-via-platform. Veel retailers die voorheen zelfstandig hun voorwaarden en klantenservice vormgaven, zijn – inmiddels verbonden aan bol.com – een groot deel van die zelfstandigheid kwijt. Daar staat in eerste instantie toegang tot een groter klantpotentieel tegenover, maar de gebondenheid aan een platform kan op termijn vernieuwing en gezonde concurrentie afbreken. Een al te gesloten data-economie zal ervoor zorgen dat op den duur innovaties stilvallen als onvoldoende partijen toegang hebben tot data.

Om diezelfde reden moeten ook overheden alert zijn op het voorkomen van te grote afhankelijkheid van (commerciële) datagiganten. Zonder data, of toegang tot data van anderen, wordt het immers langzaamaan onmogelijk om publieke taken goed uit te voeren. Om op langere termijn handelingsperspectief te behouden zijn open data cruciaal: data die kunnen worden uitgewisseld, waarmee partijen kunnen innoveren en die oplossingen bieden voor de vraagstukken van vandaag en morgen.

Dus: wanneer data te sterk geconcentreerd raken bij een paar partijen, neemt de slagkracht van ondernemers af en moeten overheden in de nabije toekomst over data onderhandelen met private partijen om hun taken te kunnen vervullen. Wees als overheid en als ondernemer dus alert op de macht van data. Houd altijd de beschikbaarheid van data, die onmisbare grondstof, in het achterhoofd. ‘Waar vind ik overmorgen de data die ik nodig heb voor het vervullen van mijn taken, om te innoveren, om ingewikkelde problemen te tackelen?’ Het is tijd om de naïviteit ten aanzien van platforms definitief te laten varen.

Dit artikel is geplaatst in iBestuur Magazine nummer 42, d.d. 8 april jl.. En gebaseerd op een verdiepend onderzoek en advies van BrabantAdvies naar dataplatforms dat in juni 2021 werd gepubliceerd.

Het artikel ‘Open data: cruciaal!’ is geplaatst in het regiokatern van het Brabants Dagblad van 12 mei 2022. 

Delen:

Gerelateerde berichten

De overheid moet inzetten op natuur overal en voor iedereen. Naast de natuurgebieden, ook in onze steden, op bedrijventerreinen en op het platteland. Om hiermee de kansen en voordelen van natuur zoals voor onze gezondheid te benutten. Willen we natuur in Brabant duurzaam borgen, dan is bewustwording en betrokkenheid van inwoners en ondernemers essentieel: een stevigere verbinding dus van natuur in hart en hoofd van Brabanders! Dat is een van de kernboodschappen van de provincie Noord-Brabant in lijn met ons advies ‘Van voordeur tot en met Natura2000’. Hierin zien wij natuur als vanzelfsprekend onderdeel van een toekomstbestendig Brabant. Veel van ons advies zien we nu terug in het beleidskader Natuur.
Zie jij de jonge boer als ondernemer van de toekomst? Gerben Boom (voorzitter BAJK) en Marius Zuurbier (voorzitter Young Professionals Brabant) doen in deze vlog een beroep aan beleidsmakers en bestuurders in Brabant! Hun oproep is krachtig en urgent: geef die jonge boer ruimte - letterlijk en figuurlijk - en zet ze als volwaardig gesprekspartner aan tafel om de ‘revolutie’ in het buitengebied, die zich komend decennium voltrekt, in goede banen te leiden.
BrabantAdvies verwelkomt en begeleidt twee stagiairs: Niek van den Berk, masterstudent Industrial Design en Jelle Scheepers, student Bestuurskunde. Niek focust zich met zijn researchproject op de risico’s van zoönosen binnen de samenleving en zoekt daarbij antwoord op de vraag hoe we zoönosegeletterdheid binnen de samenleving kunnen vergroten. Jelle voert kwalitatief onderzoek uit bij VABIMPULS. Hoe en waarom lukt het sommige agrarische ondernemers wel om de gemaakte plannen met vrijgekomen agrarische bedrijfslocaties daadwerkelijk te realiseren en anderen niet.
Tijdens ons jubileumsymposium schetste raadslid (PRL) Floris Alkemade de ‘revolutie’ die zich komend decennium in het buitengebied voltrekt. Ingrijpende veranderingen die nodig zijn voor duurzame voedselproductie, voedselzekerheid, natuurbeheer, biodiversiteit, groene energie, klimaatmaatregelen, waterkwaliteit en woningbouw. Om dit in goede banen te leiden, is de boer de ‘change-agent’ die we hiervoor nodig hebben. Jonge boeren beseffen dit. De drive om zich aan te passen en door te ontwikkelen is groot. Geef die jonge boer daarom ruimte - letterlijk en figuurlijk - en zet ze als volwaardig gesprekspartner aan tafel. Laat ze meedenken over hun toekomst. Geef ruimte aan hun stem, hun ondernemerschap en hun lef om te experimenteren.