Waarschuwing: kennis en ervaring Q-koorts dreigen verloren te gaan

Hoe voorkomen we dat de kennis en ervaring die zijn opgedaan met de Q-koortsepidemie in ons land verloren gaan? Daarover schreef BrabantAdvies / Provinciale Raad Gezondheid op 17 januari een adviesbrief aan de Tweede Kamer en het bestuur van de provincie Noord-Brabant.

Nu de Stichting Q-support ophoudt te bestaan heeft ons land volgens BrabantAdvies dringend behoefte aan een kennis- en adviescentrum zoönosen dat ervoor zorgt dat we voorbereid zijn op een volgende zoönose-epidemie. Dit centrum moet óók fungeren als het eerste aanspreekpunt voor de duizenden Q-koortspatiënten in ons land. Zo voorkomen we dat zij na het wegvallen van de Stichting Q-support nog verder geïsoleerd raken in onze maatschappij.

75 doden
Tien jaar geleden zijn 50.000 tot 100.000 mensen besmet geraakt met Q-koorts. Hiervan is 60% afkomstig uit Brabant en 40% uit de rest van ons land. 75 Q-koortspatiënten zijn inmiddels overleden door de besmetting. Duizenden patiënten zijn er slecht aan toe. Nu Stichting Q-support ophoudt te bestaan, dreigen zij tussen de wal en schip terecht te komen, zo stelt BrabantAdvies, waarvan de Provinciale Raad Gezondheid onderdeel uitmaakt.

“Van duizenden mensen is het leven geruïneerd”
“Van ongeveer 4000 Q-koortspatiënten weten we dat ze geen normaal leven meer kunnen leiden. Maar waarschijnlijk zijn het veel meer patiënten. Nog regelmatig worden nieuwe patiënten ontdekt. Ze kampen met veel hinder en klachten. Denk aan chronische vermoeidheid, spier- en gewrichtspijnen arbeidsongeschiktheid, depressiviteit, neiging tot suïcidaliteit, financiële nood; echt heel ernstig. Omdat artsen en andere professionals doorgaans weinig weten over Q-koorts komen de patiënten in de kou te staan nu Stichting Q-support stopt”, aldus Myrtille Verhagen, senior beleidsadviseur bij BrabantAdvies, het belangrijkste adviesorgaan van de provincie Brabant.

“Er is veel mis gegaan”
Volgens Verhagen is het zeker dat ons land in de toekomst opnieuw te maken krijgt met een zoönose-epidemie zoals Q-koorts. “Er is rondom de Q-koorts veel misgegaan in het verleden. Heel lang hebben we alleen maar toegekeken. Eerst ging het vooral om de economische schade. De menselijke ellende is pas veel later in beeld gekomen. Het gestuntel rondom de Q-koorts, ook van ministeries die zich geen raad wisten, mag nooit meer gebeuren. Alle kennis en ervaring die we hebben opgedaan mag daarom niet verloren gaan. Die moeten we borgen. Wat ons betreft niet versnipperd maar op één locatie, in één kennis- en adviescentrum. Zo zorgen we ervoor dat we klaar zijn voor een zoönose-epidemie.”

Vangnet en vraagbaak
Dit centrum kan volgens Verhagen ondergebracht worden bij een bestaand instituut. “Wat ons betreft gaat het niet alleen om het borgen van kennis, ook moet het centrum een vangnet- en vraagbaakfunctie hebben. We moeten voorkomen dat Q-koortspatiënten aan hun lot worden overgelaten”, aldus Verhagen. Ook het in stand houden van lotgenotencontact voor Q-koortspatiënten zoals dat nu bestaat, is volgens de beleidsadviseur pure noodzaak. “Q-koorts is geen tijdelijk probleem dat overgaat. Het gaat door, zo blijkt. Nog steeds melden zich nieuwe patiënten.”

Pleidooi voor fonds voor boeren
BrabantAdvies pleit ook voor de komst van een fonds voor boeren. Dit moet de drempel verlagen voor agrarische ondernemers om ook niet-meldingsplichtige dierziekten te melden bij de Gezondheidsdienst voor Dieren. Zo is vroegtijdig een mogelijke zoönose-epidemie tijdig te detecteren. Het fonds moet de derving van inkomsten bij een mogelijke ruiming van dieren vergoeden.

Klik hier om het advies te downloaden.

Meer informatie:
Myrtille Verhagen-Timmers, Senior beleidsadviseur